Home » Het hogere weten van de marktwerker

Het hogere weten van de marktwerker

:shocked Vandaag werd ik getroffen door een artikel in het Financieele dagblad, waarin de critici op het onderwerp marktwerking worden beticht van handelen naar de onderbuik. Ten eerste vat ik dat op als een groot compliment, want dat betekent dat ik nog iets van gevoel heb. En ten tweede valt er op de hogere wetenschap van de marktwerkers ook wel iets af te dingen.

Ik zal me daarom niet beperken in dit artikel met het voor de zoveelste keer onderuithalen van het geloof waar de marktwerking filosofie op is gebaseerd. Daarbij benoem ik het marktdenken bewust als een geloof, omdat het net zozeer uit de onderbuik komt als de andere vormen van denken. Wellicht huist er bij de marktdenkers ook een vorm van gevoel.

Het begon ooit met het simpele vraag en aanbod principe, dat de markt definieert. Zolang dat niet door vele omgevingsfactoren wordt verstoord, iedereen gelijke informatie en middelen heeft, en er sprake is van een normale onderhandeling, zonder toe- en uittredingsdrempels, is dat een prima uitgangspunt. Zodra echter door één van de genoemde factoren het principe wordt verstoord, noemen we dat “marktimperfecties” of “marktfalen”. We hebben dan een hersteloperatie nodig om ervoor te zorgen dat de markt haar werk zal doen. Er wordt in dat geloof veel waarde gehecht aan de “ijzeren hand”, die ervoor zal zorgen dat de markt in evenwicht blijft en iedereen krijgt wat hem toekomt.

Hier schuilt probleem één van het vrije marktdenken, want de vrije markt ontstaat spontaan omdat mensen in onderhandeling zijn en transacties doen. Zodra daar een kunstmatige actie voor nodig is, werd de vrije markt klaarblijkelijk in een voorgaand stadium al verstoord en wellicht is daar een goede reden voor geweest. Zoals bijvoorbeeld het zeker stellen van noodzakelijke voorzieningen als zorg, openbaar vervoer, energie en veiligheid. Daarmee is in het verleden al bewezen dat het “ijzeren hand” principe, de zorg van de vrije markt, niet volledig opgaat. Wie derhalve nu propageert dat deze marktwerking een probleem zal oplossen, vergeet het probleem dat werd opgelost door de marktwerking te beperken en doet daarmee eigenlijk willens en wetens een stapje terug. Het marktdenken valt daarom niet onder de noemer vooruitgang, maar meer te duiden als een neoliberale vorm van vasthouden aan oude principes.

De vrije markt belooft de laagste prijzen voor de consument en daarmee impliciet een maatschappelijke kostenbesparing. Dit werd helaas nog niet aangetoond en is zelfs betwistbaar. Zorg is aangetoond niet goedkoper geworden, net zo min als de post, openbaar vervoer en de energie. Als het dan echt te doen is om de consument, zoals de heer Canoy in dit artikel beweert, moeten we misschien ook echt iets anders gaan doen in de plaats van nadenken over hoe mooi het zou kunnen zijn, als de markt goed zou functioneren. Het is een opportunistisch construct, dat ooit, in een ideale situatie heeft gewerkt, maar in de huidige complexiteit van de samenleving niet meer past. Wie met droge ogen durft te beweren dat het efficiënter is om drie concurrerende postbedrijven te exploiteren, waardoor we nu in plaats van één, drie postbodes aan de deur krijgen, heeft het hoofdstuk over efficiëntie nog niet helemaal door. Natuurlijk is de bezorging nu goedkoper, omdat deze drie mensen gezamenlijk minder verdienen dan de eerdere postbode alleen deed, maar dat is een voordeel van voorbijgaande aard.

De lezer zou nu kunnen gaan denken dat ik fel gekant ben tegen marktwerking, maar integendeel ben ik een voorstander van echte vrije marktwerking. Het moet alleen niet worden toegepast op sectoren waar we in het verleden al van hebben ontdekt dat die niet bij de vrije markt passen. Want dan krijg je gekunstelde constructies die slechts op zoek zijn naar hun eigen bestaansrecht. Dat heeft niets te maken met gezond ondernemerschap of vooruitgang maar alleen met het zoeken naar oplossingen voor een niet bestaand probleem. De veronderstelling dat de genoemde sectoren te duur zouden zijn, dat is pas luchtfietsen!

2 comments

  1. Ik ben het met de strekking wel eens, maar heb wel een kanttekening: soms moet je de markt wel even de tijd geven om überhaupt een echte marktwerking op gang te laten komen. Wanneer je schrijft…

    “Wie met droge ogen durft te beweren dat het efficiënter is om drie concurrerende postbedrijven te exploiteren, waardoor we nu in plaats van één, drie postbodes aan de deur krijgen, heeft het hoofdstuk over efficiëntie nog niet helemaal door.”

    … dan ben je misschien te vroeg met het trekken van een eindconclusie. Want als we doorredeneren wat er zou kunnen gebeuren zou het volgende zijn: een slimme ondernemer ziet die ineffeciëntie, en bedenkt een model om voor alle drie de postbedrijven de postbezorging op zich te nemen. Tegen lagere kosten, vanwege de schaalvoordelen (en misschien bedenkt hij iets waardoor postbodes niet fysiek de weg op moeten, wellicht wordt de postbezorging gecombineerd met iets anders). De postbezorging zelf is namelijk geen ‘competitive advantage’ voor deze partijen, dus dat is iets wat prima uitbesteed kan worden als dat minder geld kost.

    We moeten wel de slimme ondernemers even wat tijd gunnen om de markt in de gaten te krijgen en een goed businessmodel te kunnen bedenken! Als de overheids tussentijds niet ingrijpt en wil meesturen, dan komen dit soort slimme ondernemers, die een paradigma-verandering tot stand kunnen brengen en daar dus veel geld mee kunnen verdienen, vanzelf! 🙂

  2. Hallo Jeroen, dank voor je reactie.

    Tijd is essentieel voor marktwerking, dat is juist het probleem. Die tijd wordt de markt niet gegund, omdat de markt een handje geholpen moet worden.

    De situatie zoals jij hem schetst was ook zeer wel mogelijk geweest zonder de overgang van de ptt naar tnt. Sterker nog, als de ptt echt veel te kostbaar zou zijn geworden, was er een gat ontstaan aan de onderkant van de markt, voor jouw ondernemer, met zijn slimme oplossing. Dit gebeurde al eerder met bijvoorbeeld de wegenwacht. Nu, met de huidige ingrepen, is dat gat voorlopig weer even gedicht, waardoor eigenlijk de marktwerking wordt vertraagd. Het paradoxale is dus dat het denken over marktwerking als oplossing voor een (kosten)probleem de werkelijke werking van de markt blokkeert.

    Daarbij denk ik dat postbezorging voor postbezorgers inderdaad geen “competitive advantage” is, maar “core-business”; De grond van het bestaan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *