Home » Lokale radio is dood, leve de lokale omroep!

Lokale radio is dood, leve de lokale omroep!

In de jaren 80 waren de FM radio piraten reuze populair. Om voor deze lokale initiatieven een legaal (lees gereguleerd) alternatief te bieden werd de lokale omroep vergunning geïntroduceerd. In die tijd maakten vele illegale zenders de overstap naar het legale alternatief, de lokale omroep. Vandaar dat de meeste lokale omroepen nog steeds door het leven gaan als de lokale radio. Daar vinden ze hun oorsprong en veel van de huidige omroep medewerkers hebben ergens in het verleden ook aan de illegale varianten meegewerkt.

Voorbeelden hiervan zijn in onze regio te vinden in Radio Stad Nijkerk, dat ooit begon als Gambling 103. Omroep Amersfoort kwam voort uit de drie piraten, Super Radio, Radio Eemland en Radio Keistad. Radio Barneveld vond de oorsprong in de piratenzender Actief. Een rijk radio (lees piraten) verleden. Die oorsprong kunnen we niet ontkennen, maar we moeten wel constateren dat de radio zwaar aan belang heeft ingeboet. Niet omdat er minder bereik zou zijn, dat is enkel toegenomen, maar wel omdat er vele andere media bij gekomen zijn die ook de aandacht van de media consument opeisen. Radio was in de jaren 80 zo populair dat je maar een zendertje aan hoefde te zetten en een telefoonnummer te roepen om de lijn overbelast te laten worden. Anno 2016 moet je daar een grootscheeps evenement zoals een glazen huis voor optuigen, met daarbij alle toeters en bellen op de andere media (televisie, internet, sociale media), om het publiek in beweging te krijgen.

De lokale omroep moet met de media (consument) mee bewegen en een positie verwerven in de totale media markt. Dat betekent dat er, naast de radio, televisie en internet bij komt en last but not least, niet alleen maar lineair (een doorlopende uitzending), maar juist ´on-demand´, items die door de gebruiker kunnen worden opgevraagd op het moment dat het hun uitkomt. De lokale radio wordt een lokale omroep die zich richt op alle media en niet meer hoofdzakelijk op lineaire radio. (titel van dit artikel)

Dat heeft nogal wat voeten in de aarde, want het hart van de (lokale) omroep medewerkers en bestuurders ligt veelal toch bij de radio. Veel sentiment is er nog te vinden als het gaat over de oude piraten zenders en niet ongebruikelijk worden daar ook nog de zeezenders zoals Veronica, Noordzee en Mi-Amigo bij gehaald. Ja het piratenbloed kruipt waar het niet gaan kan. Neem daarbij onze nationale radio helden, Gerard Ekdom, Giel Beelen, Coen en Sander en noem ze maar en het (ons) radiobloed gaat sneller stromen. Wist u dat veel van deze helden ook ooit ergens op een zolder als piraat illegaal zijn begonnen? Met een microfoontje, een vier kanaals mengpaneeltje en een cassettedeck stiekem zenden… Die spanning is voor de piraten nog steeds te voelen..

Is er leven na de radio??

De OLON/NLPO (overkoepelende organisatie voor lokale omroepen) heeft een plan geïntroduceerd, dat door het leven gaat als het streekomroepen plan. Kern van de boodschap is schaalvergroting, omdat op een hele kleine schaal de mensen en middelen niet toereikend zijn om het hoofd te bieden aan de moderne media eisen. Helemaal plat geslagen gaat het gewoon om het te verdelen geld minder te versnipperen, zodat er per saldo meer bij een media instelling terecht komt. Daarbij zijn in een grotere regio ook meer mensen en potentiële adverteerders te vinden, die hun bijdrage kunnen leveren aan de omroep. Mijns inziens is dat een oplossing voor een dieper liggend probleem dat wel wordt genoemd, maar nu ondersneeuwt in het idee `streekomroep` cq schaalvergroting. Het draait namelijk in hoofdzaak om de kwaliteit van het media aanbod en niet alleen op de lineaire radio. Hoe wordt de lokale omroep meer relevant voor de streek die hij bedient? Platweg gezegd, hoe krijg je meer kijkers en luisteraars op de media kanalen?

Daartoe is een convenant cq richtlijn opgesteld en dat heet Lokaal Toereikend Media Aanbod (LMTA). Een niet mis te verstaan benaming voor een lijvig stuk dat op detail weergeeft waar de lokale omroep aan zou moeten voldoen om voor de toekomst levensvatbaar te blijven. Dit LTMA stelt kortweg dat de lokale omroep actueel lokaal nieuws en informatie zou moeten verspreiden via alle aan de omroep beschikbaar gestelde media kanalen. Radio, televisie, internet en sociale media. Neem daarbij de verschraling van het lokale nieuws, uitdunnende redacties bij de lokale kranten en eigenlijk vrijwel geen verslaggevers meer aanwezig bij (belangrijke) evenementen in de gemeente en dan wordt het gat in de markt zichtbaar. De lokale omroep als nieuwsbron voor de gemeente. Actueel, dagelijks vers, modern, via alle media kanalen en onafhankelijk van welke partij dan ook. Toegankelijk voor iedereen, een professionele redactie, geborgd door bekostiging en een professionele bedrijfsleiding. Ik zie licht aan het einde van de tunnel maar we hebben nog wel een weg te gaan.

Vanuit de hierboven geschetste historie is de overgang van lokale radio naar lokale omroep op zijn minst lastig te noemen. En niet alleen intern is dat lastig, ook de publieke opinie, concurrenten in de media markt en de lokale politiek vinden er wat van. Er spelen natuurlijk ook zekere gevestigde belangen en oude sentimenten in de beheersing van een media (radio) kanaal. bovendien is er een grote mate van onbekendheid bij het publiek met de materie, waardoor je niet zomaar iedereen mee krijgt in een veranderende omroep. Daar zijn aardig wat gesprekjes voor nodig.

Goed nieuws voor de mensen met een radiohart!

Als deze ontwikkeling zich doorzet, dan betekent dat dat de lokale radio blijft bestaan. Zij het onder de vlag van een lokale omroep, die het complete aanbod verzorgt. We kunnen daarin niet ontkennen dat het belang van de radio (en dus ook de aandacht en middelen die het krijgt) afneemt. Maar dat kan ook een voordeel betekenen omdat de kwaliteit van de omroep wordt bepaald door het complete media aanbod en niet alleen door de radio. De ICE (Informatie,Cultuur en Educatie) norm van 50% (maar 50% tijd voor muziek ) wordt verlaten en daarvoor in de plaats komt het LTMA dat zich voornamelijk richt op het complete aanbod. Ik zie daarin meer kansen voor creatieve geesten om vernieuwend met radio aan de slag te kunnen, met minder keurslijf aan regeltjes. Wel zou het handig zijn als de radio bijdraagt aan actueel nieuws en informatie voor de gemeenschap, alleen al omdat dit het enige onderscheidend vermogen is met de andere zenders.

Tot slot

Kijk vooral deze week eens wat de combinatie van alle media en een goed doel (glazen huis) kan doen met de aandacht en betrokkenheid van het publiek. Radio makers worden positief belicht door hun inzet voor het goede doel. Daar loopt een ruime veelvoud aan regie en redactie mensen omheen om ze te voeren met informatie. Dan de complete televisie registratie, callcenter, internet redactie en de sociale media. Het is werkelijk meesterlijk wat daar uit de kast wordt getrokken. Radio in de spotlights. En daar word ik toch wel warm van. Op deze schaal zal het lokaal en of op streek niveau niet mogelijk zijn, maar het is een voorbeeld van hoe de combinatie werkt om de aandacht te blijven krijgen die de omroep zo hard nodig heeft.

De vraag is wat mij betreft dan ook niet of dit wel te realiseren is, maar meer wie dit verhaal durft te geloven. Want die mensen hebben we nodig om te voorkomen dat de lokale radio een hele stille dood gaat sterven…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *